Vrij Nederland

2009

vn.JPG

Amatmoekrim beschrijft zonder oordeel en zonder sentimenteel of clichématig te worden. Heel af en toe wordt het verdriet van Titus duidelijk. Bijvoorbeeld als hij eindelijk van Kat droomt: ‘(…) Deze wereld heeft ons opgepakt en losgelaten, zodat we in stukjes braken. Ik ga weg omdat je dat wilde. Maar wees niet bang, ik laat je niet achter.’

Dit is wellicht de mooiste passage uit het boek, waarin Titus’ worsteling met zichzelf en zijn verdriet duidelijk naar voren komt. (…) Titus gaat over mensen die op een of andere manier weer greep willen krijgen op hun plotseling chaotische bestaan. (…) Amatmoekrim schrijft aangenaam direct en toegankelijk.

(Hassnae Bouazza, Vrij Nederland)

Andere posts...